|
Edelhertentaal/jagerstaal
|
- Rillen: schuw
- Burlen: brullend geluid van het hert in de bronsttijd (paartijd)
- Lavelen: eten
- Penseel: penis
- Uittreden: uit dekking naar buiten komen
- Zekeren: om zich heen kijken en de omgeving verkennen
- Zweet: bloed
- Boonsel: uitwerpselen
- Flemen: mannetje dat hinde van achteren besnuffelt om te zien of ze beslagen kan worden
- Beslaan: het dekken van de hinde
- Hinde: vrouwtje
- Hert: mannetje
- Kalf: pas geboren edelhert (tot een jaar oud)
- Lopers: poten
|
|