|
Dodelijke ongevallen met ruimtevoertuigen
|
Tijdens de vlucht:
- Het eerste dodelijk slachtoffer was de Russische kosmonaut Vladimir Komarov
op 24 april 1967. Na de problematische vlucht met de eerste Sojoez openden
tijdens de landing de parachutes zich niet en sloeg de capsule te pletter op
de grond.
- De Amerikaanse luchtmachtpiloot Michael J. Adams kwam om op 15 november
1967 om het leven toen X-15 vlucht 191 bij terugkomst in de aardatmosfeer in
een spin raakte en daar niet meer uitkwam. Op een hoogte van ongeveer 20 km
kon het toestel de extreme acceleratie niet meer aan en brak het in stukken.
- Op 30 juni 1971 kwam de volledige bemanning van de Russische Saljoet 1 om
het leven nadat, bij het loskoppelen van het ruimtestation, door een lekkage
alle lucht weg stroomde. De capsule landde normaal maar na de landing bleek
de bemanning dood.
- Op 28 januari 1986 ontplofte 73 seconden na de lancering de Space Shuttle
Challenger. Hierbij kwam de volledige zevenkoppige bemanning om het leven.
Analyse achteraf toonde aan dat een verkeerd type afsluitring, in combinatie
met het gebruik van cryogene brandstoffen, hiervan de oorzaak was.
- De Space Shuttle Columbia ging verloren op 1 februari 2003 bij het
terugkeren van een twee weken durende missie. Een beschadiging aan het
hitteschild zorgde ervoor dat shuttle in stukken brak en alle zeven
bemanningsleden het leven lieten.
Op de grond:
- De bemanning van Apollo 1 kwam om in hun capsule in een brand tijdens een
training op 27 januari 1967. Door een elektrisch defect ontstond een vlam
die zich snel verspreidde in de atmosfeer van pure zuurstof. Virgil Grissom,
Edward White en Roger Chaffee kwamen om.
|
|